"Schatrovers!" The making of deel 1
praktijk voor remedial teaching en leren leren -
RSS

Recente posts

Als rekenen niet vanzelf gaat
Waarom scoort mijn kind zo slecht op de entreetoets?
The making of "Schatrovers!" deel 2
"Schatrovers!" The making of deel 1
Houd de (letter)dief!!!

Categorieën

als rekenen moeilijk gaat
De Ladderspellen, maken leren leuk!
entreetoets
hulp online
stoomcursus
Mogelijk gemaakt door

Mijn Blog

"Schatrovers!" The making of deel 1

Het begon allemaal met Miranda.Miranda zat in groep 5, en had grote problemen met rekenen. Ze had wel andere talenten: zo was ze dol op zingen, en wist heel veel liedjes uit haar hoofd. En ze was gek op tekenen: als ze tijdens de r.t. maar even ergens op moest wachten, zat ze al een tekeningetje te krabbelen.
Dank zij deze talenten was ze redelijk ver gekomen met rekenen: werkbladen met sommen tot 20 werden in een hoog tempo gemaakt, door gebruik te maken van haar visuele geheugen. Maar een mondeling gevraagde som schreef ze, desnoods met haar vinger op de tafel, eerst op. De tafels had ze zingend geleerd, dus daarvoor gold het omgekeerde. Die werden van het werkblad af eerst hardop gelezen. 
Het ging mis op het moment dat de tafels toegepast moesten worden in verhaalsommen. Ze kon ‘de som niet uit het verhaal halen’, zeker niet als het een verhaalsom was waarin ook niet-relevante details stonden, en als er geen plaatje bij de som stond. Vervolgens kwamen de deelsommen aan de orde en daarna het optellen over de honderd en het meten. Miranda liep vast, en zo kwam ze bij mij terecht.
Ik constateerde al gauw dat het idee dat de getallenwereld ingedeeld was in 10-tallen nog niet bij haar was binnengekomen. Sommen die ze nog niet uit haar hoofd geleerd had, werden met allerlei handigheidjes en omweggetjes uitgerekend. Bijvoorbeeld: 28+9: 8 is 2x4, dus dan doe ik 4+9 want dat weet ik uit mijn hoofd, dat is 13, en dan weer die 20 erbij dus dat is 33 en dan die 4 erbij dus dat is 37. Dit soort redenaties hoorde ik overigens alleen op haar goede dagen. Meestal bleef het stil als ik vroeg of ze hardop wilde denken, en kwam alleen het antwoord na lange tijd.
Miranda wist natuurlijk best dat je9 kunt splitsen in 2 en 7, maar zag echt niet hoe je van die kennis gebruik kon maken om 28+9 uit te rekenen. Werk aan de winkel dus. Eerst maar eens oefenen op de getallenlijn. Tijdens de r.t. sprong ze keurig via de tientallen, maar op de thuisgemaakte werkbladen stonden getallenlijnen met sprongen van 7 naar 11, en van 18 naar 22 enz. Maar de antwoorden klopten, dus waar deed ik nou zo moeilijk over?
Hoe vaak ik ook met haar oefende, het bleef voor haar maar moeilijk te bevatten waarom er nou perse via het tiental gerekend moest worden. Ze vond de 8 een veel leuker en handiger getal: een 8 lijkt op een poppetje en ieder bolletje is dan 4: 4 Knopen op de buik, en 4 stipjes in het gezicht (voor de 2 ogen, neus en een mond). Zo kon ze het goed onthouden. Miranda had in het 'land van oct'  (uit de rekenmethode) moeten wonen, dan was er niets aan de hand geweest. 
Ik legde haar uit dat het nu eenmaal zo ontstaan was: vroeger hadden mensen alleen hun vingers om te tellen, dus als ze alle vingers hadden gehad, zetten ze een streepje voor het tiental en begonnen ze weer bij de 1.
Ik legde haar uit bij alles wat ze nog met rekenen ging leren, de 10 het belangrijkste getal was. Ik liet zien dat er 10 centen omgewisseld kunnen worden in één muntje, en dat 10 van die muntjes weer in omgewisseld worden in een euro. En dat 10 mm in een cm gaan, en 10 decimeter in een meter. 
Maar met woorden kon ik het haar niet uitleggen, die leken niet binnen te komen. Dus ging ik op zoek naar beelden. En zo kwam ik uiteindelijk terecht bij een brug die precies om de 10 latjes opgehangen moest worden aan de brugpalen. Ik zette stokjes in klompjes klei die ik vastplakte op blauw papier, en maakte in Excel de brugdelen met latjes met gaatjes erin. Om de stokjes kwamen elastiekjes zodat de brugdelen niet naar beneden zouden zakken. 
De brugdelen werden gelamineerd zodat ze steviger waren.En zo gingen we rekenen.
Vanaf de steiger van 7 latjes moest een brugdeel van 9 aangelegd worden. Welk brugdeel van 9 latjes moesten we hebben? Waar moesten de gaatjes zitten? Na 3 latjes natuurlijk. Hoeveel latjes zijn er dan nog over? 6 latjes. Op welk getal zijn we dan nu beland? 6 verder dan de 10, dus 16. En als je nu 8 verder wil? Dan moet je dus een brugdeel van 8 hebben waarin de gaatjes bij de 4 zitten. En dan hou je er 4 over, en ben je dus bij de 14. En zo begon het allemaal. 
Wil je weten hoe dit rekenmateriaal uitgroeide tot een spannend gezelschapsspel? Lees dan The making of Schatrovers, het vervolg.


0 Reacties op "Schatrovers!" The making of deel 1:

Comments RSS

Voeg een reactie toe:

Je naam:
E-mailadres: (vereist)
Website:
Reactie:
Maak je tekst groter, vetgedrukt, schuingedrukt en meer met HTML tags. Zo werkt het.
Post Comment
Website Builder
mogelijk gemaakt
door Vistaprint