Letterdieven! Een spellingspel, maar dan leuk!

Letterdieven! Een spellingspel, maar dan leuk!

 

In het spel “Letterdieven” gaan leerlingen actief op zoek naar de valkuilen in de spelling van een woord. Als ze die gevonden hebben, volgt een handeling die hiermee te maken heeft: zo doe je bij  – ij -  alsof je aan een ijsje likt, bij een - ei - wordt “toktok” geroepen, en bij een Letterdiefwoord wordt “Houd de dief” geroepen. Hoe gekker, hoe beter, want dat stimuleert de hersenen. Zo wordt spelling leuk! 

Maar dan leuk?

Ja, want spelling is één van de minst favoriete lessen op de basisschool. In veel spellingsmethodes wordt een les lang geoefend met steeds dezelfde woorden: het woordpakket. Die woorden zijn op verschillende manieren in de les verwerkt: ze worden (over)geschreven in rijtjes evt. gesorteerde woorden, in een soort kruiswoordpuzzel, woordzoeker enz.

Voor de goede spellers is dit vaak saai werk. Zij hebben het na 2 keer invullen wel gehad.

Voor sommige zwakke spellers werkt de methode wel: zij leren van keer op keer het woordbeeld zien en overschrijven, en onthouden dit ook.

Toch maken ook de betere spellers, die bij een dictee de woorden van het woordpakket foutloos schrijven, vaak veel fouten in hun ‘vrije’ spelling. Dit heeft te maken met het spellingbewustzijn: het tijdens het schrijven actief nadenken over de valkuilen in een woord. Zoals: ik hoor een ei, is dat een ij of een ei. Of: ik hoor een -oo-, schrijf ik één o of twee?

Maar er is ook een grote groep zwakke spellers die het woord ongeveer letter voor letter overschrijven. Er ontstaat zo meestal geen woordbeeld. Het zijn vaak de kinderen met een zwak (visueel) werkgeheugen. Zij leren ook niet van het keer op keer lezen van een woord, want ze slaan het woordbeeld niet bewust op. Zij moeten het echt hebben van de spellingregels.

Letterdieven traint het spellingbewustzijn

 

In het spel “Letterdieven” wordt dit spellingbewustzijn getraind, door bij iedere afbeelding actief op zoek te gaan naar de valkuil in het bijbehorende woord. Bij iedere valkuil hoort een andere actie die dan uitgevoerd moet worden. Soms zijn dat er wel 3, zoals bij het woord “kapitein”. Achtereenvolgens moet dan “Houd de dief” (a), geroepen worden, luchtgitaar gespeeld worden (i) en “toktok” (ei) geroepen worden.  Wie het eerst zeker van zijn zaak is, pakt de bal en mag dan een poging doen. Is het goed, dan wint hij/zij het kaartje.

Er zitten maar liefst 167 kaartjes in het spel, onderverdeeld in 17 categorieën, van de stomme e tot en met de -th- in apotheek. Zo kan het spel de hele basisschool door gespeeld worden.

Ter controle staat het woord op de achterkant, met een duidelijke kleurencodering per spellingsprobleem.

Wat maakt dit spel leuk?

  • De spelers moeten zo snel mogelijk de valkuilen onderkennen
  • De acties die vervolgens uitgevoerd moeten worden, zorgen vaak voor hilariteit.
  • Goede spellers (en volwassenen) zijn zich vaak amper bewust van de spellingvalkuilen. Dat maakt de kans op winnen voor de zwakke spellers groot!
  • De kaartjes zien er aantrekkelijk uit en zijn duidelijk herkenbaar.

Meerdere spel- en oefenmogelijkheden

Met de kaartjes kunnen ook andere spellen gespeeld worden: een soort Set, waarbij zo snel mogelijk kaartjes met dezelfde spellingmoeilijkheid gespot moeten worden, Domino waarbij kaartjes met eenzelfde ‘valkuil’ aangelegd moeten worden, de mogelijkheden zijn eindeloos.

Daarnaast zijn de kaartjes ook prima individueel bruikbaar: een leerling kan bijvoorbeeld rijtjes maken van de kaartjes met woorden met -ei- en -ij-, en zichzelf controleren door ze om te draaien. Of de woordjes opschrijven en zichzelf dan controleren.

In de (sorteer)doos zitten naast de kaartjes en de bal ook een overzicht van alle woorden, ingedeeld in categorieën. Zo zoek je makkelijk de kaartjes bij elkaar waarmee je wil oefenen.

De tijdsduur van dit spel is uiteraard afhankelijk van het aantal kaartjes waarmee gespeeld wordt. Maar hoelang het ook duurt, de tijd vliegt met dit leuke spel!


« 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.